TGS Innovised—De Voorwaarts
Verrekenprijzen · Documentatie

Verrekenprijsdocumentatie: het verrekenprijsdossier

TGS Innovised — De Voorwaarts

Bijgewerkt: 30 september 2026

In het kort
  • Elke onderneming met intercompany-transacties moet haar verrekenprijzen in de administratie onderbouwen.
  • Vanaf € 50 miljoen groepsomzet: groepsdossier en lokaal dossier, uiterlijk bij de aangiftetermijn in de administratie.
  • Vanaf € 750 miljoen: ook een landenrapport binnen 12 maanden na afloop van het boekjaar, en een notificatie.
  • Ontbreekt de documentatie, dan moet u zelf aannemelijk maken dat de prijzen zakelijk zijn.

Welke verrekenprijsdocumentatie u nodig hebt, hangt af van de omvang van uw groep. Op deze pagina leest u welke drie niveaus er zijn, wat er in een verrekenprijsdossier hoort en welke fouten u beter kunt vermijden. Deze pagina hoort bij het artikel Verrekenprijzen voor het mkb.

Drie niveaus van verrekenprijsdocumentatie

Groepsomzet Verplichting
Alle groepen Onderbouwing van de verrekenprijzen in de administratie (artikel 8b lid 3 Wet Vpb)
Vanaf € 50 miljoen Groepsdossier (master file) en lokaal dossier (local file)
Vanaf € 750 miljoen Daarnaast een landenrapport (country-by-country report, CbCR) en een notificatie

Niveau 1: alle belastingplichtigen (artikel 8b lid 3 Wet Vpb)

Heeft u transacties met verbonden lichamen? Dan moet uit uw administratie blijken:

  • Hoe de verrekenprijzen zijn vastgesteld; en
  • Dat ze zakelijk zijn.

De wet schrijft geen vaste vorm voor. Voor een mkb-onderneming met een beperkt aantal transacties kan een compact memo per transactiesoort volstaan, zolang de onderbouwing maar navolgbaar is.

Let op: De verplichting geldt ook voor binnenlandse transacties tussen vennootschappen die geen fiscale eenheid vormen.

Niveau 2: groepsomzet vanaf € 50 miljoen (artikel 29g Wet Vpb)

Voor deze groepen gelden twee documenten:

  • Groepsdossier (master file): Een overzicht van de groep als geheel. Het bevat de structuur, de activiteiten, de immateriële activa, de financiering en het verrekenprijsbeleid.
  • Lokaal dossier (local file): De Nederlandse entiteit en haar transacties. Het bevat de functie- en risicoanalyse, de gekozen methoden, benchmarks en de aansluiting op de financiële gegevens.

Beide moeten in de administratie aanwezig zijn uiterlijk op het moment dat de aangifte vennootschapsbelasting moet worden ingediend. U stuurt ze niet op. De vorm en inhoud zijn vastgelegd in de bijlagen bij de Uitvoeringsregeling.

Niveau 3: groepsomzet vanaf € 750 miljoen (artikel 29b e.v. Wet Vpb)

Daarnaast is een landenrapport (CbCR) verplicht. Dit moet binnen 12 maanden na afloop van het boekjaar worden ingediend. Nederlandse groepsentiteiten moeten bovendien uiterlijk op de laatste dag van het boekjaar melden welke entiteit het landenrapport indient (notificatie). Zie de informatie van de Belastingdienst over het landenrapport.

Wat hoort in een verrekenprijsdossier? Een praktische inhoudsopgave

  • Groep en organisatie: Juridische structuur, aandeelhouders en management.
  • Bedrijfsactiviteiten en waardeketen: Waar wordt de waarde gecreëerd?
  • Transactieoverzicht: Alle intercompany-transacties met bedragen.
  • Functie- en risicoanalyse per transactie: Wie doet wat, wie draagt welk risico en wie beheerst dat risico (control over risk)?
  • Methodekeuze en de onderbouwing daarvan: Bijvoorbeeld CUP, kostprijs-plus of TNMM.
  • Benchmark of een andere vergelijkbaarheidsanalyse.
  • Aansluiting op de jaarrekening: Bijvoorbeeld een segmentatie per transactie.
  • Overeenkomsten: Kopieën of verwijzingen.
  • Eindejaarscorrecties en de verwerking daarvan.

Vereenvoudigingen

  • Laagwaardige ondersteunende diensten, zoals administratie, HR en IT-ondersteuning, kunnen tegen kostprijs plus 5% worden doorbelast, zonder uitgebreide benchmark. Dat volgt de OECD-richtlijnen, en het Verrekenprijsbesluit 2022 staat het onder voorwaarden toe. Wel moet u aantonen dat de dienst daadwerkelijk is geleverd en nut heeft voor de ontvanger (de benefit test).
  • Amount B voor distributeurs in covered jurisdictions (zie de pagina Amount B in de praktijk).

Veelgemaakte fouten in verrekenprijsdossiers

Fout Gevolg Oplossing
Dossier pas opgesteld na vragen van de Belastingdienst Minder bewijskracht Documenteer bij het aangaan van de transactie
Verouderde benchmark Onderbouwing sluit niet aan op de markt Nieuwe benchmark elke 3 jaar, financiële gegevens jaarlijks bijwerken
Dossier wijkt af van overeenkomsten of praktijk Belastingdienst volgt de werkelijke gang van zaken Houd overeenkomsten, facturen en dossier consistent
Resultaat buiten de bandbreedte, zonder correctie Correctie naar de mediaan Monitor tussentijds en neem een correctiemechanisme op
Managementvergoeding zonder bewijs van dienstverlening Aftrek geweigerd Leg de werkzaamheden vast met tijdsbesteding, rapportages en e-mails
Geen aansluiting met de jaarrekening Vragen bij de controle en de aangifte Maak een segmentatie en aansluitingsoverzicht

Bewijslast en boetes

  • Ontbreekt de documentatie van artikel 8b, of is die onvoldoende? Dan verschuift de bewijslast: u moet zelf aannemelijk maken dat de prijzen zakelijk zijn (omkering van de bewijslast).
  • Het niet, niet tijdig of onvolledig opstellen van het groepsdossier of lokaal dossier is bij opzet of grove schuld een beboetbaar vergrijp, en bij opzet ook een strafbaar feit.
  • Ook als er geen boete volgt, levert een goed dossier sterke argumenten in een onderling overleg (MAP) of bezwaarprocedure.

Link met de jaarrekening en de controle

De accountant beoordeelt intercompany-posities onder meer op:

  • Waardering van vorderingen op groepsmaatschappijen, inclusief mogelijke afwaarderingen;
  • Fiscale posities: is er een voorziening nodig voor een onzekere verrekenprijspositie (RJ 272 / IFRIC 23)?
  • Verbonden partijen: is de toelichting op transacties met verbonden partijen volledig?

Een goed verrekenprijsdossier helpt dus ook bij een soepele jaarrekeningcontrole.

Veelgestelde vragen over verrekenprijsdocumentatie

Wanneer moet ik een groepsdossier en lokaal dossier opstellen?
Een groepsdossier (master file) en lokaal dossier (local file) zijn verplicht voor groepen met een groepsomzet vanaf € 50 miljoen (artikel 29g Wet Vpb). Beide moeten in de administratie aanwezig zijn uiterlijk op het moment dat de aangifte vennootschapsbelasting moet worden ingediend. U stuurt ze niet op. Kleinere groepen moeten hun verrekenprijzen wel onderbouwen in de administratie.
Wat gebeurt er als mijn verrekenprijsdocumentatie ontbreekt?
Dan verschuift de bewijslast naar u: u moet zelf aannemelijk maken dat de prijzen zakelijk zijn. Dat is lastig zonder onderbouwing uit de tijd van de transactie. Het niet opstellen van een verplicht groepsdossier of lokaal dossier kan bij opzet of grove schuld bovendien leiden tot een vergrijpboete, en bij opzet tot strafvervolging.
Hoe vaak moet ik de benchmark in mijn dossier vernieuwen?
In de praktijk wordt elke 3 jaar een nieuwe benchmark gemaakt, terwijl de financiële gegevens van de vergelijkbare ondernemingen jaarlijks worden bijgewerkt. Een verouderde benchmark sluit niet meer aan op de markt en verzwakt uw onderbouwing. Houd daarnaast uw overeenkomsten, facturen en dossier consistent met de werkelijke gang van zaken.

Meer over verrekenprijzen


Advies over verrekenprijsdocumentatie?

Wilt u uw verrekenprijsdossier laten opzetten of toetsen? Neem contact op met onze specialisten in internationaal belastingrecht.

Disclaimer: Dit artikel is informatief en geen vervanging voor persoonlijk advies.
Scroll to Top